Vertrek

Hulpmiddelen en medische apparatuur thuis

Wanneer uw kind naar huis gaat, kan het nodig zijn om medische hulpmiddelen of apparatuur te gebruiken. Denk bijvoorbeeld aan zuurstof, een voedingspomp, een speciaal bed, een rolstoel, een tillift of andere medische hulpmiddelen. Een goede voorbereiding helpt om de zorg thuis veilig en soepel te laten verlopen.

In het Jeroen Pit Huis bereiden wij u stap voor stap voor op deze overgang. Samen met het behandelteam bespreken we welke hulpmiddelen nodig zijn, wie deze regelt en welke instructie u nodig heeft. Onderstaande checklist helpt u om overzicht te houden.

1. Bespreek wat uw kind thuis nodig heeft

Bespreek vóór ontslag samen met verpleging:

  • Welke hulpmiddelen noodzakelijk zijn.

  • Welke hulpmiddelen tijdelijk of aanvullend nodig zijn.

  • Wie de hulpmiddelen gaat gebruiken.

  • Welke personen instructie of training nodig hebben.

  • Welke hulpmiddelen vóór thuiskomst aanwezig moeten zijn.

  • Welke hulpmiddelen later kunnen worden geleverd.

  • Wie uw aanspreekpunt is bij vragen, storingen of defecten.

Vraag verpleging om afspraken zoveel mogelijk schriftelijk vast te leggen.

2. Maak één overzicht

Bewaar alle informatie over hulpmiddelen en apparatuur op één vaste plek, bijvoorbeeld in een map of digitaal document.

Hulpmiddel

Wie regelt het?

Leverancier

Wanneer nodig?

Contactgegevens

Zuurstof

Medische voeding/pomp

Speciaal bed

Rolstoel

Tillift

Bewaar ook handleidingen, instructies en eventuele serienummers of typenummers bij elkaa

3. Regel hulpmiddelen op tijd

De levering van hulpmiddelen kost vaak tijd. Wacht daarom niet tot de ontslagdag.

Bespreek tijdig:

  • Wie de aanvraag verzorgt.

  • Of een voorschrift of indicatie nodig is.

  • Wie de kosten vergoedt.

  • Of toestemming van de zorgverzekeraar nodig is.

  • Wie het hulpmiddel levert.

  • Wie zorgt voor installatie en instructie.

  • Wie u kunt bellen bij een storing of defect.

Zorg dat duidelijk is welke zaken door het ziekenhuis worden geregeld en welke zaken u zelf moet regelen.

4. Zorg dat u weet hoe alles werkt

Vraag uitleg en oefen met de hulpmiddelen voordat uw kind naar huis gaat. Laat ook andere vaste verzorgers deelnemen aan de instructie.

Bespreek onder andere:

  • Hoe u het hulpmiddel gebruikt.

  • Wat u doet bij een alarmmelding.

  • Welke problemen u zelf kunt oplossen.

  • Wanneer u hulp moet inschakelen.

  • Wie u kunt bellen bij vragen.

  • Wat u doet bij stroomuitval.

  • Wat u doet bij een defect apparaat.

Vraag gerust om extra uitleg als iets nog niet duidelijk is.

5. Richt uw woning praktisch in

Bekijk samen met een verpleegkundige waar hulpmiddelen en apparatuur het beste geplaatst kunnen worden.

Let daarbij op:

  • Voldoende ruimte rondom het bed.

  • Een veilige plaats voor medische apparatuur.

  • Voldoende stopcontacten.

  • Snoeren en slangen die geen struikelgevaar vormen.

  • Genoeg opslagruimte voor materialen.

  • Een veilige bewaarplaats voor medicatie.

  • Voldoende ruimte voor verzorging en verplaatsing van uw kind.

  • Goede toegang tot slaapkamer en badkamer.

  • Een vaste plek voor reserve- en verbruiksmaterialen.

6. Houd de voorraad op peil

Voor veel hulpmiddelen zijn verbruiksmaterialen nodig, zoals sondes, slangen, verbandmaterialen of batterijen.

Controleer regelmatig:

  • Welke materialen u nog op voorraad heeft.

  • Wat binnenkort moet worden bijbesteld.

  • Hoe lang een nieuwe levering duurt.

  • Welke minimale voorraad u altijd in huis moet hebben.

  • Waar u buiten kantooruren terecht kunt voor spoedleveringen.

Spreek samen met de verpleegkundige af welke minimale voorraad van belangrijke medische materialen u altijd thuis beschikbaar houdt.

7. Maak een noodplan

Bespreek met de verpleegkundige wat u moet doen als een hulpmiddel niet meer werkt.

Zorg dat de volgende informatie gemakkelijk beschikbaar is:

  • Telefoonnummer van de behandelend arts.

  • Telefoonnummer van de thuiszorg.

  • Contactgegevens van de leverancier.

  • Storingsnummers.

  • Belangrijke medische gegevens van uw kind.

  • Instructies bij stroomuitval.

  • Instructies bij een defect apparaat.

  • Situaties waarin u 112 moet bellen.

Houd het plan zo eenvoudig mogelijk. In een stressvolle situatie wilt u niet eerst op zoek hoeven naar telefoonnummers of ingewikkelde instructies.

8. Controleer alles vóór thuiskomst

Controleer samen met het behandelteam of alles geregeld is voordat uw kind naar huis gaat.

  • Alle noodzakelijke hulpmiddelen zijn geleverd.

  • De hulpmiddelen zijn op de juiste plaats geïnstalleerd.

  • Ouders en verzorgers hebben instructie ontvangen.

  • Iedereen die de hulpmiddelen gebruikt heeft kunnen oefenen.

  • De benodigde materialen zijn aanwezig.

  • Contact- en storingsnummers zijn bekend.

  • Er zijn afspraken gemaakt voor avonden, nachten en weekenden.

  • Het behandelteam kent de thuissituatie.

  • De verantwoordelijkheden zijn duidelijk verdeeld.